Nederlandsch Economisch-Historisch Archief

Collecties

Economisch-Historische Bibliotheek

Vanaf de oprichting in 1914 heeft het NEHA ernaar gestreefd een boekerij ten dienste van economisch-historisch onderzoek te vormen. In de eerste jaren had de boekerij een duidelijk ondersteunende taak ten behoeve van de bedrijfsarchieven. Illustratief in dit verband zijn de aanwinstenlijsten uit deze jaren die veelal gedenkpublicaties van ondernemingen omvatten. Aan het einde van de jaren twintig verwierf het NEHA een aantal belangrijke collecties via aankopen op veilingen in Antwerpen, Parijs en Londen.

Economisch-Historische Bibliotheek (1989) foto: Jacques van Gerwen De aankoop van de collectie boeken, handschriften en documenten van de Antwerpse verzamelaar Jozef Velle, betekende niet alleen een uiterst belangrijke uitbreiding in wetenschappelijke zin, maar vormde tevens het begin van een ontwikkeling tot zelfstandige economisch-historische bibliotheek. De Velle-collectie bestaat uit een gespecialiseerde verzameling boeken, pamfletten en handschriften op het gebied van het boekhouden en handelswetenschappen. Voorts kan men er een grote verscheidenheid aan historische documenten, waaronder plakkaten, assurantiepolissen, wissels en koopmanscorrespondentie in aantreffen. De oudste stukken dateren uit de veertiende eeuw.

De aankoop is aanleiding geweest tot de oprichting van het Boekenfonds. De ruimere financiële middelen hieruit verkregen, stelde de bibliotheek in staat waardevolle stukken te verwerven, waaronder kostbare boeken, manuscripten en prijscouranten.
Extra bijdragen van het Boekenfonds en van een groot aantal ondernemingen en particulieren maakten in 1928 de aankoop van een omvangrijke collectie mogelijk. De collectie, opgeslagen in London, omvatte 40.000 titels op economisch-historisch gebied, waaronder een groot aantal unica en manuscripten. Deze collectie vormt in zekere zin de basis voor het moderne boekenbezit van de EHB.

In het begin van de jaren twintig is ook een begin gemaakt met het opzetten van een sociaal-economische afdeling. De afdeling heeft zich vooral aan het begin van de jaren dertig sterk kunnen uitbreiden door schenkingen en aankopen. Tot die particuliere schenkingen behoorden het boekenbezit van Henri Polak, A.H. Gerhard en de brochureverzameling van F.M. Wibaut. Van 1933 tot 1956 huisvestte de EHB tevens de bibliotheek en de realia-verzameling van de Stichting Ferdinand Domela Nieuwenhuis.
In 1935 werd op initiatief van het NEHA en De Centrale Arbeiders- Verzekerings- en Depositobank het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) opgericht. De inmiddels tot sociaal-historische bibliotheek uitgegroeide sociaal-economische afdeling werd in dat jaar in bruikleen aan het Instituut afgestaan.

De uitbreidingen in de jaren twintig maakten het noodzakelijk naar een ruimere behuizing voor de bibliotheek om te zien. Op het aanbod van de gemeente Amsterdam om in de hoofdstad de boekerij onder te brengen in voor dat doel aangekochte panden ging het NEHA dankbaar in. Vanaf 28 januari 1933 is de bibliotheek gevestigd aan de Herengracht 218-220.

Sedert de Tweede Wereldoorlog is de collectie van de EHB in omvang sterk gegroeid. Op dit ogenblik omvat de verzameling bijna 100.000 titels en 3000 titels van periodieken en verslagen op economisch-historisch gebied. Daarnaast beheert de EHB een rijke verzameling documenten en manuscripten.

Tot de belangrijkste zwaartepunten behoren de collecties op het gebied van handel en handelswetenschappen slechts vergelijkbaar met de Kress collectie in de Baker Library, Harvard University en de Goldsmith collectie in de London School of Economics. Contemporaine verslagen van de actuele handelspraktijk nemen een belangrijke plaats in. Geen uitgave verschaft zoveel informatie over veranderende handelspraktijken sedert 1675 als het werk van Jacques Savary, Le parfait négociant. De EHB bezit van dit werk twintig Franse, één Nederlandse en één Duitse edities.
Het werk van Samuel Ricard, Traité général du commerce, werd geschreven ten behoeve van de Hollandse kooplieden. Een serie van zeven edities, verschenen tussen 1700 en 1732 maakt bestudering van veranderingen in de Hollandse handelspraktijk mogelijk.
Van belang voor de kennis van handel en handelspraktijk is eveneens het grote aantal werken die de ontwikkeling van het boekhouden, in het bijzonder in de Nederlanden, duidelijk maken. De EHB bezit onder meer werken van Menher de Kempten, Petri, Mellema, De Graaf en Stevin.

Materiaal voor de studie van de industrialisatie, ook voor de vroege periode is in de EHB ruim voor handen. Onmisbaar voor een goed inzicht in de ontwikkeling van de technologie gedurende deze fase van de economische ontwikkeling zijn de werken van Duhamel de Monceau, e.a., L'art de faire... en de Descriptions des arts et metiers. Een beeld van de stand van de technologische ontwikkeling in de bakermat van de Industriële Revolutie, Engeland, verschaft het werk van Andrew Ure, The philosophy of manufactures uit 1835. Hiervan zijn ook een Duitse en Franse vertaling in de collectie opgenomen. Van groot belang is eveneens het werk van Charles Babbage, On the economy of machinery and manufactures.

De betrokkenheid van N.W. Posthumus bij het International Committee on Price History bracht een andere schat mee voor de bibliotheek. Ten behoeve van het onderzoek voor zijn Nederlandsche prijsgeschiedenis verzamelde hij een groot aantal prijscouranten van de Amsterdamse beurs uit de periode 1585 tot 1813. Deze Amsterdamse couranten werden aangevuld met couranten uit andere handelssteden als Londen en Hamburg.

Van meer recente datum is de collectie op het gebied van de bedrijfsgeschiedenis. Voor Nederland is deze zeker toonaangevend, maar ook in vergelijking met verzamelingen van buitenlandse instellingen als de collectie van het British Archives Council en verzamelingen in Duitsland, neemt de EHB een bijzondere plaats in. De catalogus van een deel van dit bezit, de gedenkboeken van bedrijven en organisaties, is verschenen in de NEHA series V. De EHB beperkt zich niet alleen tot het verwerven van literatuur, maar verzamelt ook onder meer jaarverslagen, handelscatalogi en andere gedrukten van ondernemingen en economische belangenorganisaties. De in 1987 verworven verzameling jaarverslagen van de Kamers van Koophandel en Fabrieken in Nederland, afkomstig van de Kamer Amsterdam en de Brezet-collectie van de Erasmus Universiteit, Rotterdam in 2004, maken de collectie in de Economisch-Historische Bibliotheek tot de meest complete in Nederland.

Naast de boeken- en documentencollectie van internationaal niveau beschikt de Economisch-Historische Bibliotheek over een aantal bijzondere collecties tekeningen, prenten, penningen en andere realia en beeldmateriaal. Behalve dat deze collecties onderzoeksobjecten op zichzelf vormen, staan ze ook ten dienste van tentoonstellingen.
De omvangrijke verzameling Amerikaans, Frans, Duits en Nederlands papiergeld uit de 18e en 19de eeuw en de verzameling Noordnederlandse ambachtsgildepenningen (beide in bruikleen bij het Geldmuseum in Utrecht) genieten bij kenners een grote bekendheid en de bijzondere collectie Japanse prenten uit de eerste helft van de negentiende eeuw is in de afgelopen jaren op verschillende plaatsen in Nederland tentoongesteld.

top